Liturgische kleden

Korte uitleg bij de liturgische kleden

Liturgische kleden geven in symbolische vormen en kleuren de feestdagen van het kerkelijk jaar weer. De symboliek van de vormen en kleuren kan op vele manieren geïnterpreteerd worden. Hier iets over onze gedachten, maar uw eigen beleving mag er gerust ook zijn.

Inspiratie

De inspiratie bij het maken van deze kleden komt uit de bijbel. De boom wordt gebruikt als beeld van de gelovige of de christelijke gemeente (Openbaringen 22:1-5 en Psalm 1). Een boom groeit, bloeit en draagt vrucht en is afhankelijk van voedsel. Op drie van de vier kleden staat het kruis; symbool voor de kern van het geloof namelijk Christus die de zonde van ons weg nam.

Groene kleed

  • Wordt gebruikt tussen de feestdagen in.
  • Groen en blauw staan voor gemeenteleven en hoop tussen de feestdagen door.
  • Groen staat verder voor schepping, groei en Gods trouw.
  • De boom leeft, heeft bladeren, staat stevig geworteld en wordt gevoed door het levende water uit het kruis (Jezus Christus).
  • Het kruis is duidelijk aanwezig maar transparant, je ziet het leven er doorheen. De poort aan het einde van de weg, laat zien dat de enige weg naar God via het kruis is. Het kruis vormt de verbinding tussen hemel en aarde.
  • Op het tafeldoek een duif met een blad. Het symboliseert de hoop, zoals de duif hoop gaf aan de bewoners van de ark.

Paarse kleed

  • Wordt gebruikt in de lijdenstijd en de adventsperiode.
  • Paars staat voor inkeer, boetedoening en verwachting.
  • De silhouet van de boom is nog steeds heel sterk. De takken zijn kaal en ingetogen, zoals in de winter, maar niet dood, en worden sterk belicht.
  • Het Licht erachter symboliseert de toekomst, de verwachting van Jezus, en het verlangen naar Hem. Het is een nieuw licht, nog veraf maar sterk aanwezig, en het komt naar ons toe.
  • In het kruis geeft rood de pijn weer, het geselen van Jezus. Het kruis is gebogen, gaat onder zware last gebukt, maar neigt naar de boom toe.
  • Bij dit kleed hoort het diepe besef van de pijn en het lijden, maar ook het heil hiervan: de toekomst.
  • In het tafeldoek de doornenkroon van Jezus.

Rode kleed

  • Verbeeldt de uitstorting en aanwezigheid van de Heilige Geest
  • Wordt gebruikt bij Pinksteren, en bij belangrijke gebeurtenissen zoals het doen van belijdenis en bevestiging van ouderlingen en diakenen.
  • Rood staat voor Gods Geest, liefde, enthousiasme, beweging, bezieling en vuur.
  • De boom (gemeente of gelovige) wordt helemaal in beslag genomen door de wind en het vuur. Alles beweegt door de wind één kant op. De boom wordt niet verschroeid, maar leeft er juist van op.
  • De vormen zijn levendig, chaotisch. Overgave in plaats van controle. De figuur staat in het midden; stabiel, aan de wortel van de boom en in de boom verwerkt, symbool voor christus die de gemeente tot leven laat komen. Of een gelovige die zijn handen uitstrekt vol overgave.
  • Op het tafeldoek een duif als symbool voor de Heilige Geest.

Witte kleed

  • Verbeeldt de ontmoeting met Christus.
  • Wordt opgehangen met Pasen en Kerst. Kan ook gebruikt worden bij geboorte, begrafenis, en huwelijk.
  • Goud staat voor gelouterd zijn en rijkdom. Wit voor Christus, reinheid, onschuld, opstanding, een nieuw leven, openbaring en feest. De roze bloesem verwijst naar de Amandelboom; uitverkiezing en nieuw leven.
  • De omarming kan staan voor de hereniging van God en de mens, voor Maria en kind en voor de vader en de verloren zoon. De mantel omarmt de boom en staat voor warmte, feestelijkheid en geborgenheid.
  • De figuren staan op het kruis, ze komen eruit voort.
  • Het lange been van het kruis gaat door naar de gelovige (degene die naar het kleed kijkt), zodat zij zich verbonden weten.
  • De omarming op het witte kleed verwijst ook naar de ronde witte balk die het liturgisch deel in de kerkzaal afbakent. Deze maakt een uitnodigend gebaar naar de gemeente; Kom maar mensen, hier is brood en wijn.
  • Op het tafeldoek de alfa en de omega.
Ontwerp liturgische doeken door: Nelleke de Leeuw en Carine van Loon. De werkgroep bestond uit Swanita van de Doel, Willemien van Vliet, Geertje Bakker en Caroelien Schuurman. Vele gemeenteleden hebben een steekje bijgedragen. De foto’s zijn gemaakt door Jan van Doornik.